Het pensioen van uit de echt gescheiden echtgenoot
Een uit de echt gescheiden persoon kan, onder bepaalde voorwaarden, recht hebben op een rustpensioen op basis van de loopbaan als werknemer van de ex-echtgenoot. De betrokkene kan dit pensioen cumuleren met het rustpensioen dat hij voor de eigen beroepsloopbaan ontvangt.
De aanvraag van het pensioen van uit de echt gescheiden echtgenoot gebeurt op dezelfde manier als een ander pensioen. Het pensioen kan van ambtswege worden onderzocht als de betrokkene een aanvraag indient voor een ander pensioen of als de betrokkene op het ogenblik van de echtscheiding een pensioen als feitelijk gescheiden echtgenoot ontvangt en 65 jaar oud is.
Het rustpensioen voor de uit de echt gescheiden echtgenoot wordt op dezelfde manier berekend als het gewone rustpensioen. Voor de jaren gedurende de huwelijksperiode berekent de Rijksdienst voor Pensioenen het pensioen op basis van de loopbaan van de ex-echtgenoot, alsof de aanvrager zelf die activiteit had uitgeoefend.
De kalenderjaren met perioden waarvoor de betrokkene zelf een persoonlijk rustpensioen verkrijgt in een andere Belgische of buitenlandse pensioenregeling worden niet in aanmerking genomen, tenzij hij voor die perioden verzaakt aan het persoonlijk rustpensioen.
De huwelijksperiode vangt aan op de dag van het huwelijk en eindigt met de dag waarop de echtscheiding wordt overgeschreven in de registers van de burgerlijke stand.
Bij opeenvolgende echtscheidingen heeft de aanvrager recht op meerdere rustpensioenen als uit de echt gescheiden echtgenoot. De regels betreffende de beperking tot een volledige loopbaan zijn ook hier van toepassing.
Alles over het pensioen van uit de echt gescheiden echtgenoot