Sla navigatie over
FR   DE   NL
 
MyPension
 


a a a

U bent hier: Professional De recentste nieuwtjes Pensioenhervorming - update #2
Uitkeringen van de RVP
Een burger helpen
De pensioenberekening
De betaling van het pensioen
Werken tijdens het pensioen
Wetgeving en statistieken
De recentste nieuwtjes
Pensioenhervorming - update #2

Publicaties
Basic info in English
Formulieren
MyPension
Betaaldata
De wet van 28 december 2011 gaf de aanzet tot de hervorming van de werknemerspensioenen. Als resultaat van het sociaal overleg werden ondertussen de maatregelen voor de bijzondere regelingen voor mijnwerkers en zeevarenden gewijzigd en werden enkele uitzonderingen voor het vervroegd pensioen ingevoerd.


Uitzonderingen voor het vervroegd pensioen vanaf 1 januari 2013

Werknemers die schriftelijk en individueel met hun werkgever waren overeengekomen dat ze met vervroegd pensioen gingen, behouden deze mogelijkheid.

Het gaat hier om uitstapprocedures die werden opgestart vóór 28 november 2011 in het kader van tijdskrediet, loopbaanonderbreking, arbeidsreglement, collectieve arbeidsovereenkomst, enz…. .

Om van deze uitzonderingsmaatregelen gebruik te kunnen maken moet de toekomstige gepensioneerde de nodige bewijzen voorleggen aan de RVP.


Specifieke gevallen:

  • Werknemers van wie de opzegtermijn is ingegaan vóór 1 januari 2012 en eindigt na 31 december 2012 kunnen op het einde van die opzeggingstermijn toch vervroegd met pensioen gaan.
     
  • Werknemers die vóór 28 november 2011 schriftelijk en individueel met hun werkgever waren overeengekomen om met pensioen te gaan behouden die mogelijkheid aan de vroegere voorwaarden (ten vroegste op 60, met 35 jaren loopbaan).

    Deze overeenkomst moet wel afgesloten worden;

    1. buiten het conventioneel brugpensioen;
       
    2. in het kader van een arbeidsreglement, een collectieve arbeidsovereenkomst of een pensioenreglement.

Bijzonder pensioenstelsel mijnwerkers

De leeftijd op 31 december 2011 bepaalt op welke manier het pensioen wordt berekend.

55 of ouder op 31 december 2011 (geboren vóór 1957)

Voor deze groep blijft de oude regeling van toepassing wanneer hun pensioen ingaat na 2012.

Meer informatie over de oude pensioenregeling voor mijnwerkers.

Dit houdt in dat zij ook na 2011 een verdere loopbaan opbouwen als mijnwerker.

Een ondergrondse mijnwerker kan vanaf 55 jaar het pensioen als mijnwerker aanvragen of van zodra hij 25 jaren als ondergronds mijnwerker kan bewijzen. Vanaf 20 loopbaanjaren als ondergronds mijnwerker wordt het pensioen berekend in 30sten.

Het mijnwerkerssupplement wordt toegekend vanaf 25 loopbaanjaren als ondergronds mijnwerker.

Als bovengronds mijnwerker blijft de pensioenleeftijd 60 jaar en vanaf 20 loopbaanjaren als bovengronds mijnwerker wordt het pensioen berekend in 30sten.



Jonger dan 55 op 31 december 2011 (geboren na 1956)

  • Minstens 20 loopbaanjaren als ondergronds mijnwerker op 31 december 2011

    Voor deze groep blijft de pensioenleeftijd 55 jaar of wordt de pensioenleeftijd reeds bereikt bij 25 loopbaanjaren.
    De periodes vóór 2012 worden dan berekend in 30sten.
    Het mijnwerkerssupplement wordt toegekend vanaf 25 jaar ondergronds mijnwerker gelegen vóór 2012.

  • Minder dan 20 loopbaanjaren als ondergronds mijnwerker op 31 december 2011

    Deze groep wordt beschouwd als gewone werknemers, wat betekent dat de jaren vóór 2012 en na 2011 dus gewone werknemersjaren zijn voor de leeftijdsvoorwaarden.

De periodes na 2011 worden dan berekend in 45sten.


Bijzonder pensioenstelsel zeevarenden

De leeftijd op 31 december 2011 bepaalt op welke manier het pensioen wordt berekend.

55 of ouder op 31 december 2011 (geboren vóór 1957)

Als de werknemer geboren is vóór 1957 blijft de oude regeling van toepassing.
De vroegst mogelijke pensioenleeftijd blijft 60 jaar en de berekeningwijze blijft ongewijzigd ook voor de verdere opbouw van de loopbaan als zeevarende na 2011.


Meer informatie over de oude pensioneregeling voor zeevarenden.

Jonger dan 55 op 31 december 2011 (geboren na 1956)

  • Vervroegd pensioen (loopbaanvoorwaarde)

    Voor het vervroegd pensioen worden perioden als zeevarende gelijkgesteld met jaren als gewone werknemer.

    Om aan de loopbaanvoorwaarden te voldoen worden maximum 3 bijkomende fictieve jaren geteld, waarbij 80 vaartdagen telkens recht geven op 1 bijkomend fictief jaar. (M.a.w. 240 of meer vaartdagen geven recht op 3 x 1 fictief jaar = 3 bijkomende fictieve jaren.)

  • Berekeningswijze

    De berekeningswijze wordt bepaald door het aantal vaartdagen dat op 31 december 2011 bewezen is.

    • Minstens 2 520 bewezen vaartdagen op 31 december 2011

      Tot en met 2011 blijft de oude regeling van toepassing voor de periodes met een tewerkstelling als zeevarende.
      Voor de periode vanaf 2012 wordt het pensioen berekend in 45sten.

      Uitzondering:

      Als over de gehele loopbaan minstens 168 maanden als zeevarende bewezen is gebeurt de berekening in 14den.

    • Minder dan 2 520 bewezen vaartdagen op 31 december 2011

      • Tot en met 2011

        De berekening gebeurt volgens de oude regeling, dus in 40sten.

      • Vanaf 2012

        De periode vanaf 2012 wordt berekend in 45sten, zoals in de gewone werknemersregeling Tot en met 2011 De berekening gebeurt volgens de oude regeling, dus in 40sten.

 

 



  Sitemap
Laatste wijziging 04.09.2012